2020 Marokko periode 05

1 februari t/m 5 februari 2020

De eerste dag van deze periode kun je direct hieronder lezen, wil je een van de andere dagen lezen klik dan op de link van die dag:
1 februari vind je direct hieronder.
Ga naar 2 februari – Ga naar 3 februari – Ga naar 4 februari– Ga naar 5 februari

Klik op een foto om het groter te bekijken. Daarna kun je via de pijltjes bladeren door de foto’s. Veel lees- en kijkplezier.

Als je het handig vindt, kun je je aan de rechterkant aanmelden voor de nieuwsbrief. Dan krijg je automatisch een mailtje als ik een nieuw reisverslag heb geplaatst.

Zaterdag 1 februari 2020: Ouzoud 

Vandaag blijven we in Ouzoud. Het was een koude nacht, buiten, maar dat slaapt wel lekker. Het was bovendien heerlijk rustig hier.

We doen rustig aan, we willen fietsen vandaag, maar niet te vroeg, vanwege dat het fris is. We verplaatsen de camper naar een vrijgekomen plek, want waar we nu staan moeten straks de toeristenbusjes parkeren.

Om 11uur fietsen we weg van de camping, gelijk de billen strak, het is straf omhoog. Maar met extra ondersteuning is het appeltje-eitje. Na ca. 3km slaan we rechtsaf een onverhard weg in. Het uitzicht is mooi, warme kleuren van rood en groen en een weids uitzicht.

Deze weg gaat naar het oude dorpje Tanaghmelt. De huizen in het dorp zijn opgetrokken van leem, in de kleur van de omgeving. Alleen de moskee is van steen, en in het wit.

Je merkt dat men hier toeristen gewoon is, men groet terug maar het is niet zo als tijdens onze andere fietstochten. Dan is men blij om je te zien, zeg maar.

In het begin van de dorpje zit een oude vrouw op de grond. Ze begint tegen ons te praten, maar we verstaan haar niet. Even later komt er een vrouw aanlopen en die helpt haar overeind, dat was de bedoeling dus. De oude vrouw loopt verder, heel moeizaam en even later zit ze weer op de grond. Later helpt een man haar overeind en die brengt haar naar huis.

Op de wasplaats zijn 6 vrouwen de was aan het doen. Langs een muur loopt een levada, in de bak zijn een zevental gaten gemaakt waar rijkelijk water uitstroomt. Het wordt opgevangen in een andere levada eronder. Maar men kan dus water opvangen voor de was en voor in huis.

De vrouwen zijn met de hand bezig, met koud water en speciale zeep voor in koud water, anders schuimt het niet zo goed. Er wordt hevig op het wasbord gerost met de was, er ligt flink veel wat nog gedaan moet worden. Maar ook de stapel die al gedaan is is groot. Petje af voor deze vrouwen. Ze hebben het gezellig samen en kletsen wat af met elkaar.

We laten de fietsen in het zicht van de vrouwen staan en lopen een klein stukje door het dorpje. 7 Jaar geleden waren we hier ook, samen met Kees en een gids. Toen waren we lopend, wat een leuke wandeling was. Misschien doen we die nog wel een keertje.

Dan rijden we de 3,5km terug naar de doorgaande weg. Daar slaan we rechtsaf om na 1,5km rechtsaf een onverharde weg in te gaan. Het is wederom een heen-en-weertje. We groet een man die verderop staat en die komt naar ons toegelopen. Hij spreekt Duits, het blijkt een camping te zijn; camping Namaste Nature. Er staat een camperbusje van een Duitser. De man die we spreken is de eigenaar. Hij heeft 6 jaar gedaan over het bouwen van een huis en een sanitairgebouw. Althans, de 1e drie jaren waren voor het verkrijgen van de vergunningen etc. Ze doen het als hobby, het is niet voor levensonderhoud. De coordinaten van de toegangsweg zijn N31.987844, W6.750289. Van de camping zelf zijn de coordinaten: N31.992938, W6.760305. Het is alleen geschikt voor camperbusjes, het formaat zoals je hier ook de gele schoolbussen ziet. Onze camper is te groot, vooral voor de bomen die langs het weggetje staan. Wij gaan er niet naar toe. Ook als het regent of geregend heeft moet je hier niet zijn, het is een rode aarden weg. Maar het is een mooie plek, heerlijk rustig in de bergen gelegen. We zijn alleen vergeten foto’s te maken.

We fietsen terug naar de doorgaande weg, rechtsaf en direct linksaf een onverharde weg op. Het is prima te rijden, het is goed vlak. We gaan alras omhoog, dus standje 2 is wel nodig. We komen langs een aantal huizen, de mensen groeten vriendelijke terug.

Bij een volgend huis staat een klein meisje buiten en een paar vrouwen. We stoppen, groeten in het Arabisch, Salaam, en lebes, we vragen of het goed gaat. Lebes, sjoekran. Ik stel me voor, en krijg ook hun namen te horen. Een paar mannen die verderop komen naar ons toegelopen. Er is een oudere man bij en die nodigt ons uit om thee te komen drinken. Dat is goed en even later zitten we binnen. 

Hij vraagt aan mama om thee te zetten. We merken aan haar lichaamstaal dat ze er eigenlijk niet zoveel zin in heeft. Maar ze zet thee, er komt brood bij. Ze komt binnen met een ketel warm water en een opvangbak, we mogen onze handen wassen. Even later komt er een tajine op tafel, het was kennelijk etenstijd. Misschien vandaar haar lichte tegenzin. We gebaren dat het eten voor hun is, zij zijn immers aan het werk. Maar we mogen mee eten, dus dat doen we dan ook, een beetje/suir. Ze spreken alleen Arabisch, maar toch kunnen we elkaar aardig wat vertellen. Mama is ook ontdooit en doet geanimeerd mee met het gesprek.

We vertellen meestal dat in Nederland alles vlak is, dan maak ik een fietsbeweging en begin te fluiten, zo van, het is erg gemakkelijk fietsen daar. Dan zeg ik Marokko, en duidt de bergen aan. Dan maak ik weer een fietsbeweging en veeg het zweet van mijn voorhoofd, het wordt altijd begrepen en er wordt smakelijk om gelachen. Haha

Dan stappen we weer op, bedanken voor de uitnodiging, de thee en de heerlijke tajine. We worden hartelijk uitgezwaaid en als we weer eens langs komen zijn we van harte welkom.

Daarna is het steil naar beneden. Even verderop gaan we rechtsaf een pad op tegen een heuvel op. Hier is camping Walhalla. Hiervan wisten we het bestaan. We zijn er nog nooit geweest, omdat in de app stond dat het een onverharde weg is naar de camping toe. En dat is het, hij is behoorlijk ruig, met veel stenen er in. Aan het einde, naar de camping zelf is het ook nog steil. Maar volgens de mensen die net beneden de camping wonen komen er toch ook wel campers als die van ons.

Op de doorgaande weg gekomen slaan we rechtsaf een nieuwe weg op naar de rivier. Aan het einde stopt de weg, hier vandaan kun je een wandeling maken naar de bron van de rivier, die uitmondt in de bekende Cascade de Ouzoud. Aan het einde van de weg is een parking camping. Het ziet er leuk uit, tussen de bomen maar er is toch ook zon. Er staat een Franse camper, de mensen zitten lekker buiten.

Als we terug gaan naar het pad komt de eigenaar net aanlopen. Het kost 30DH per nacht, voor 2 personen, we zijn hartelijk kwelkom. Morgen gaan we hier naar toe. Eerst wandelen naar de waterval, en dan verkassen naar hier. Coordinaten begin van de weg: N32.002308, W6.730291. De coordinaten van de plek zelf: N31.996788, W6.715648

Terug bij de camper gaan we lekker in het zonnetje zitten. We zetten het extra zonnepaneel buiten om de fietsen op te laden. We laden ze tot 80%, anders vraagt het teveel. Het kan wel op deze manier, maar dan eerder op de dag, zodat daarna de accu weer vol kan worden als de fietsen er af zijn.

Als we alles aan het opruimen zijn lopen er vier mensen naar ons toe. Het zijn Nederlanders die net aangekomen zijn op camping Zebra. Een van de vrouwen volgt ons reisverslag en ze had gelezen dat we hier waren. Dus 1 en 1 is 2, ze kwam even kennismaken. Ze zijn alle vier voor de 1e keer met de camper in Marokko en ze blijven 6 weken. Ze vinden het wel heel leuk in Marokko. We wensen elkaar nog veel plezier verder.

Vanochtend lukte het internet eerst wel en later niet meer. Maar we hadden nog niet alles verbruikt, zei de router. ’s Avonds lukte het nog niet. Ik kijk nog een keertje bij het verbruik en zie dat ik alleen keek naar de stand van uploaden. Het downloaden erbij opgeteld gaf 9.99GB aan, dus het was gewoon op. Gauw naar buiten gelopen, Co had gezien dat er een Maroc Telecom verkooppunt is, net buiten de camping. Maar die was al dicht. De gardien zag ons zoeken en gaf aan dat links ook een Maroc telecom verkooppunt zit. Even later waren we in het bezit van nieuwe GB’s. Alles doet het weer.

We kwamen er ook achter dat er een douche is op deze camping. Co vroeg aan de gardien of we kunnen douchen, dat kan. Hij zal zorgen dat de gasfles open staat. Maar als Co er heen wil lopen roept hij dat de Spanjaard die net aangekomen is eerst, (ongevraagd) gaat douchen. Als Co daarna gaat en gereed is vraagt de gardien of ik ook nog wil, of morgen misschien? Hij wil eigenlijk wel naar huis. Dan ga ik toch morgen, ook goed hoor.

Het was weer een leuke dag, met stralend mooi weer, het fietsen is een leuke toevoeging aan onze reis. Het routekaartje geeft een beetje een chaotische route weer, het was dan ook veel keer een weggetje heen-en-weer rijden. We hebben 30,7km gefietst, 680 hoogtemeters. Het laagste punt was 720m, het hoogste punt was 980m. Het was af en toe behoorlijk warm om te fietsen, maar we zeuren niet, het is hier gewoon zomer. Hieronder zie je ook de route die de gardien voor ons had ingetekend. We hebben iets meer gefietst dan hij had aangegeven.

Zondag 2 februari 2020: Ouzoud 

Overdag is het heerlijk weer, de nachten zijn behoorlijk koud, dat is lekker om te slapen. De ochtenden zijn binnen ook koud, het warmt pas op als de zon op de camper komt.

Vanmorgen ben ik bezig om een retourvlucht te boeken naar Nederland. Het lukt uiteindelijk om op 12 maart vanaf Casablanca naar Amsterdam te vliegen en op maandag 16 maart weer terug. We gaan een feestje bouwen met een vriend die 80 jaar wordt. En we kunnen mijn moedertje weer even zien, dat breekt de lange tijd dat ze ons moet missen.

Om 11uur trekken we de wandelschoenen aan. We willen een wandeling naar de waterval maken met een omtrekkende beweging over links. We lopen via het grote plein omhoog naar een nieuw hotel, dat hoog boven het dorp en de waterval is gebouwd. Gisteren waren we er al langs gefietst, we zagen het ook staan toen we van de week met de camper aankwamen in Ouzoud, vanuit het noorden.

Er gaat langs het terrein van het hotel, een giga lange trap naar boven. Is straks gemakkelijk voor de gasten om de waterval te bereiken. Vanuit het hotel heb je een prachtig uitzicht over het dorp en de waterval met omgeving.

Als we boven aan de trap komen staan er een paar mensen in nette kleding bij een van de toegangen naar het hotel. Er is een vrouw bij, zij blijkt de eigenares te zijn van het geheel. Ze vraagt of we Engels spreken. Ze geeft aan dat ze het zelf niet zo goed kan, maar dat het wel handig is om zo eventjes te oefenen. Ze spreekt het prima, we maken haar een complimentje. We vragen wanneer het hotel gereed komt, nog 1 maandje te gaan. Ze zijn 5 jaar bezig geweest om het te bouwen. 

We komen bovenaan, waar een uitzicht is op de waterval. Als we verder lopen zien we op links het dorpje Tanaghmelt liggen, waar we gisteren naar toe gefietst zijn. We besluiten ter plekke dat we er heen gaan, en daarna met een omtrekkende beweging naar de vallei lopen waar de waterval in uitkomt.

We dalen eerst helemaal af naar een riviertje om daarna weer omhoog te lopen naar het dorp. In eerste instantie is er een duidelijk pad, maar als we de rivier overgestoken hebben loopt het pad dood op de terrassen waar allemaal olijfbomen op staan. Heel veel bomen hebben een gekleurde vlek, veelal blauw of rood. 

7 jaar geleden hebben we naar hetzelfde dorp gelopen met een gids, en die vertelde toen dat de kleur bij een familie hoort, ieder heeft zijn eigen bomen.

We gaan kruip door, sluip door en komen onderin het dorp uit, op de weg waar we ook gefietst hebben. Er wordt druk gewassen op de wasplaats, er zijn weer heel wat vrouwen hard aan het werk. We zien hetzelfde oude vrouwtje weer zitten, die zo moeilijk zelf overeind kan komen. Ze is weer opnieuw begonnen, zeg maar.

We lopen door het dorp en we komen langs een restaurant. We lopen naar binnen, er staan tafeltjes met gekleurde stoeltjes, met kussentjes erin. Er hangen vlaggen van Real Madrid, Club Athletico, en een Marokkaanse vlag. Er hangt een flatscreen aan de wand, hier wordt door de mannen voetbal gekeken, dat is duidelijk. Buiten op het terras staan een paar ligbanken, voor de broodnodige rust. Maar er is verder niemand die kan vertellen of we iets kunnen eten en drinken.

Als we terug naar beneden lopen is daar een oud vrouwtje, die ons duidelijk probeert te maken dat er zo iemand komt, maar we besluiten om terug het dorp in te lopen, daar was ook een cafeetje. In Nederland zie je ouderen wel lopen met een zogenaamde driepoot, deze vrouw heeft een vierpoot. Ze steunt zwaar op een plastic krukje, dat ze voor zich uit schuift om zichzelf te verplaatsen.

De daken in het dorp zijn gemaakt van een laag dikke stokken, waar een dikke laag leem op ligt. Soms ligt er plastic op, om het te beschermen tegen de regen.

We komen een hoek om en horen kindertjes zingen. In een klein gebouwtje staat de deur open. Er zit een man voor een schoolbord en tegenover hem zitten drie kindertjes op krukjes en kratjes, ze zingen een Frans liedje, Alouette, Alou, Alou, Alouette. We mogen even binnen komen.

De heldere kinderstemmetjes gaan onverdroten voort, onderwijl wel naar ons kijkend. De leraar geeft aan dat ik wel een foto mag maken. Nou vooruit dan maar, haha. Ik maak ook een heel klein filmpje van het zingen. 

In het ‘lokaal’ is een drie-delig schoolbord aanwezig, met Arabische teksten. Onder het bord staan plankjes met Arabische teksten er op geschreven. Voor de koude tijden is er een vuurplaats. We bedanken de leraar dat we even mochten komen kijken en luisteren, leuk hoor.

We komen aan bij het restaurantje. Het hoort bij een kleine winkel ernaast. De jongeman is verkoper en kok tegelijk. We vragen of we een Berber omelet kunnen eten, en thee zonder suiker. Het is allemaal mogelijk. Binnen is het fris dus we vragen of we buiten mogen zitten, dat mag. 

We zitten in het steegje, voor de winkel. Er komt van alles langs. Een meisje op een ezel, met manden waarin lege waterflessen zitten. Dus ze komt ook weer terug straks. Er komen allerlei kindertjes langs, sommigen komen snoep kopen bij het winkeltje. 

Er komt een man aanlopen met een oranje kussentje. Die legt hij op de grond neer, in de schaduw, en hij neemt plaats. Even later ligt hij half op zijn rug met zijn enkel op zijn andere knie, neem je gemak zou ik zeggen. 

Een jongen komt 4 eitjes brengen, verser kan niet, en even later komt hij terug met een brood in een doek. De ‘kok’ loopt met een leeg  schaaltje weg, waar als hij terugkomt olijfolie in zit.

We pakken een tafeltje erbij want het eten is klaar. Het brood is nog lekker warm. We vragen of er zout op het ei zit, nee dus. Geen probleem, hij duikt zijn winkeltje in en maakt een nieuw pak zout open.

Als we zo zitten, aan het tafeltje, wordt het wel wat smaller in het straatje. Er komen wat ezeltjes langs, het kan allemaal. Er staan twee meisjes naar ons te kijken, ze waren in het schooltje zojuist. We betalen en gaan weer verder. 

In het dorp loop je regelmatig door een overdekte doorgang tussen de  huizen door. Ze hebben hier geen regenpijpen maar regenwater geultjes in de muren.

We dalen af naar de rivier om aan de andere kant weer omhoog te lopen. Naar de rivier toe is er weer een duidelijk pad, wat aan de andere kant weer dood loopt op een terrasje. Heb ik dat net ook al niet geschreven, jawel, maar het is dus echt zo. Bij veel bomen zien we een groot oppervlak met een aarden rand eromheen. Dit is om het water bij de boom te houden, zodat het niet direct de berg afloopt.

Het is wederom zelf je weg zoeken. We lopen een tijd lang langs een levada, zelf gemaakt door de mensen. Ze hebben een aarden rand gemaakt zodat het water er in blijft. In de doorgangen naar de akkertjes hebben ze een paar stenen gelegd, aangelengd met aarde. Als het water erdoor moet halen ze de stenen weg, hoe eenvoudig kan het zijn.

Uiteindelijk komen we toch weer op een pad, in de openheid, in de zon. We liepen veel in de schaduw, maar dat was niet zo heel erg, als je omhoog moet lopen is schaduw wel fijn, warm zat.

We komen aan in de vallei waar de waterval in stroomt. We moeten eerst een flink stuk omhoog over een stenig paadje. We zien overal mooie gele klokbloemetjes staan, met lange gele meeldraden. 

We krijgen uitzicht op de waterval, het blijft imposant, het gaat dag en nacht door, dat is heel wat water.  We dalen af naar de rivier en lopen langs allerlei cafeetjes en restaurantjes. We nemen plaats en drinken verse jus d’orange, bij een Rasta mijnheer. Ik meen mij te herinneren dat we hier in 2016 ook een glaasje hebben gedaan, toen met Hannie en Nanda.

We lopen verder en komen langs een aantal campings, voor tentjes dan, met een camper kun je hier niet komen. In het pad naar boven zitten een paar kleine putdeksels, huh, in de natuur en dan putdeksels???

Dan komen we bij de waterval. Het is rustig met toeristen, maar het is dan ook al half 3, dan gaan de meeste toeristen alweer naar boven voor hun terugreis naar Marrakech. 

Als je bij de waterval aankomt kun je met een boot naar de waterval toevaren, voor 20DH, of alleen naar de overkant varen voor 5DH. Wij kiezen voor de bruggetjes en zandzakken. 

Mensen zijn elkaar aan het fotograferen met de waterval op de achtergrond, zo een paar jongemannen. Ik ga bij een jongen staan en zeg: Marokko en Holland. Even later sta ik met 6 jongens op de foto, ze vinden het wel leuk. Zelf heb ik dan geen foto, is niet goed gegaan dus, haha.

Dan is het trappen lopen. We zien dit keer geen aapjes. We komen langs de winkeltjes en we kunnen rustig doorlopen, geen gezeur of we iets willen kopen, dat is wel fijn zo. 

Even na half 4 zijn we thuis. Het is heel warm in de camper dus we zetten alles open en gaan zelf buiten zitten, onder luifel in de schaduw. 

Om 17uur verkassen we naar de zon, die is nu nog heerlijk om in te zitten. Om 18uur mag ik douchen van de gardien. Eerder zijn er nog veel toeristen die naar de wc willen en dan is er te weinig waterdruk voor de douche. 

De gardien zet de gasfles open, de douche aan en zegt dat als ik klaar ben dat ik dan niet de douche uit mag doen, gewoon laten lopen. Later hoor ik van Co dat anders de slang eraf schiet of zoiets. Het is wel vreemd om als je jezelf aan het afdrogen bent het water gewoon doorloopt, wat een verspilling. En het is een en al stoom, dus echt droog word jezelf niet, want er is geen ventilatie. 

Het was een leuke dag. We hebben niet eens zoveel gewandeld, 8.6km waar we 4,5 uur over hebben gedaan. We hebben 550m omhoog en omlaag gelopen. Het hoogteverschil was 180m.

Maandag 3 februari 2020: Ouzoud – Setti Fatma

Vanmorgen zien we dat de gardien in een tent slaapt die achter op het terrein staat. Als we hem later spreken, laat hij zijn maison zien. Het is een buitentent met plastic eroverheen, in de buitentent heeft hij een andere buitentent geplaatst, op een bodem van pallets. Hij laat een fles zien, die vult hij ’s avonds met heet water, (5 stuks), en die legt hij dan in zijn bed, om warm te worden. 

Ik vraag, heb je geen vrouw om je warm te houden? Ja, zijn vrouw en drie kinderen wonen in Beni Mellal. De kinderen komen tijdens de vakanties bij hem logeren.

Het restaurant, hotel en camping/parking is van zijn broer, die een huis heeft in Ouzoud. Vroeger werkte de gardien in de landbouw. Maar door de klimaatverandering en de slechte prijzen voor de producten is hij gestopt. Wat ook meespeelde was dat de pesticiden slecht waren voor zijn gezondheid, voor zijn hoofd en lichaam. Sinds 2 jaar werkt hij hier als gardien. Hij is erg aardig en belangstellend. 

We hebben van de week een extra simkaart gekocht, we willen in 1 van onze telefoons ook wifi. Maar ik krijg het niet voor elkaar. Als ik het kaartje van onze mifirouter in een telefoon doe, dan sms ik de krascode door naar 555, en that’s it, alles werkt.

Nu doe ik de nieuwe simkaart rechtstreeks in onze iPhone, sms de krascode door naar 555, aangevuld met *3, zo staat het op het bijbehorende informatiekaartje. Ik krijg geen bevestiging dat het gelukt is. In Whatsapp moet ik het telefoonnummer invullen van de simkaart, maar dat weet ik niet.

Ik vraag de gardien om raad, en even later is het voor elkaar. Hij heeft gebeld met 555, het telefoonnummer opgevraagd en via keuze 1 de 50DH opgewaardeerd voor internet, en afgesloten met *3. Alles werkt. Ik moet gewoon bellen dus. We bedanken hem hartelijk, geven hem een extraatje en we worden hartelijk uitgezwaaid.

De camping is voorzien van een mooi, nieuw sanitairgebouw met toilet en douche. De toiletten worden vooral gebruikt door de toeristen. Ze zijn voor het gebouw een loosput aan het maken voor het lozen van grijs water voor de campers. Nu gebeurt dat achter op het terrein, op de grond. Er wordt gewerkt aan een betere camping. Het is een fijne plek om een paar dagen te staan. En dat voor 50DH, zonder stroom. Stroom kost 30DH.

Onderweg hebben we een lifter mee, we vroegen zelf of hij mee wilde, dat wou hij wel. Hij sprak een klein beetje Engels, zei hij. En dat klopte. Verder sprak hij Frans, hij was niet zo spraakzaam. We kwamen er wel achter dat hij politieman wil worden. Hij is nu 16 jaar, de totale opleiding tot agent duurt 10 jaar.

Er is weer van alles te zien onderweg en de route is landschappelijk erg mooi. De weg is goed, maar na de splitsing Marrakech / Demnate wordt de weg een stuk minder en is het opletten geblazen. We zien een paar grote kippenfarms, met silo’s ernaast.

We komen aan in Ourika, we weten dat hier markt is en dat die druk bezocht wordt. Nou, druk is het, het krioelt er van de mensen. We rijden stapvoets door de menigte heen. We moeten zelfs even wachten omdat twee mannen voor ons camper een onderonsje hebben. 

We parkeren de camper verderop de route, in het dorp. Als Co uitstapt staat daar een kraampje waar je eten kunt kopen. Co loopt er naartoe en hij krijgt gelijk een glaasje thee. Er liggen heerlijke worstjes op de bakplaat.

Even later zitten we in de zon aan een tafeltje. Het tafeltje en de stoelen zijn oorspronkelijk wit, maar nu zien ze hier en daar zwart, hoe zou dat nu komen? De man legt papieren placemats neer en even later hebben we brood, een glaasje thee, twee schaaltjes met saus, een schaal met worstjes, en gekookte eieren die we kunnen dippen in een mengsel van zout en komijnpoeder. Het smaakt prima. We krijgen na afloop nog een papieren servet (een doormidden gescheurde placemat) en een beker water. Alles wat op tafel kwam werd eerst afgespoeld met water uit een emmer, en afgenomen met een dweiltje, waar meer mee afgenomen was. Maar het werd met veel plezier en liefde gedaan, dat dan wel. Morgen zien we wel weer. We betalen de man, geven fooi, en hij geeft zelf aan dat hij een oogje in het zeil houdt v.w.b. de camper.

Terwijl we bij de snackkraam zaten liepen er kindertjes langs, die lachen terug groeten. Een klein jongetje komt terug gelopen en geeft Co een zoen op zijn wang, hoe lief is dat.

We krijgen natuurlijk weer onvrijwillig een gids naast ons te lopen, Amsterdam is prachtig allemachtig. En daar is de souk, en dat zijn schapen, ja we zijn niet dom. We krijgen het toch voor elkaar dat we hem kwijt raken.

We kopen aardbeien, komkommers, munt en pinda’s, voor prima prijzen. Ze halen niet het onderste uit de kan. Het is gezellig druk, en we hebben veel interactie met de mensen, leuk hoor. We horen weer regelmatig bélék, bélék, opzij, kijk uit, ik wil er langs. We roepen vrolijk mee, het wordt gewaardeerd, de mensen vinden het leuk.

Op de terugweg worden er al weer aardig wat busjes volgestouwd, met goederen en mensen. Ze staan keurig opgesteld langs de kant van de weg.

Als we terug komen bij de camper geeft Mohammed, de worstjesman, een papiertje met daarop zijn naam, telefoonnummer en de tekst: Je veux acheter un magasin de snak, oftewel hij wil een snakwinkel kopen. Het is ons niet duidelijk wat hij van ons wil, Co zegt in het Nederlands, moet je doen joh. Misschien staat hier volgend jaar wel een snackbar.

Even na half 3 gaan we verder, op weg naar Oukaimeden (uitspraak Oekajmden). Het is een leuke route om te rijden. In 2014 hebben we een begin gemaakt met deze route, maar zijn we halverwege omgekeerd omdat we de mensen niet zo vriendelijk vonden en we dachten dat het boven te koud zou zijn. De mensen zijn best wel vriendelijk en zwaaien lachend terug.

Dat ligt boven de 2600m, en je kunt er skiën. We hebben thuis een filmpje gezien van dit circus. Je kunt met ezeltjes naar de lift gebracht worden. Er zijn wel 7 liften, sleepliften en stoeltjesliften. 

We rijden helemaal door naar het einde, daar is een grote parking. Er worden ski’s en schoenen verhuurd. Of het allemaal wel zo goed afgesteld wordt, is nog maar de vraag. Er zijn een paar jongens aan het passen. Maar als ze naar de lift lopen, gaat die net dicht. Er staat een man bij de lift met een oud jasje die de skileraren in Frankrijk dragen.

We lopen verder en krijgen regelmatig het aanbod om per ezeltje die kant op te gaan. La sjoekran, nee dank je. Verderop zijn veel mensen aan het genieten van de sneeuw. Je kunt een sleetje huren, snowboots en er zijn kleine kinderautootjes op ski’s. 

Ik sta te filmen en op dat moment komt er een man op ski’s naar beneden. Hij heeft zijn stokken naar achteren gestoken, die worden door een man vastgehouden, die geen ski’s aanheeft. Hij glijdt zo’n beetje achter de skiër aan, hij is een soort van rem, zeg maar. Opeens laat de skiër de stokken los, dus gaat hij alleen verder. Maar hij kan helemaal niet skiën en valt dan ook, precies op een gedeelte waar geen sneeuw meer ligt, we staan smakelijk te lachen, samen met andere mensen die het zagen. Als ik later het filmpje aan hem laat zien wil hij het natuurlijk wel hebben. Ik krijg zijn telefoonnummer, maar later lukt het niet om het te versturen.

Het is rustig nu met toeristen, dat is ook wel eens anders, getuige dit filmpje, het was toen dringen bij de lift om er in te kunnen komen, de politie moest er zelfs aan te pas komen:
https://www.youtube.com/watch?v=emuLHbRbsuE

Als we terug lopen zien we dat, ondanks dat de lift gesloten is, het passen van schoenen en ski’s evengoed door gaat, ja, zaken zijn zaken.

We gaan weer terug naar ‘beneden’. De parkeerwacht staat naast de camper als we gekeerd zijn, hij wil graag 15DH voor het parkeren, dat vinden wij te veel, voor een half uurtje staan. We geven hem 5DH, en daar moet hij het mee doen. Lijkt me een bekende uitspraak. 😉 Het is een leuke route met mooie uitzichten. En op dit tijdstip, half 5, is het licht weer mooi warm. De omgeving wordt extra mooi zo.

Op een stuk van 3 km zien we overal kleine ovens langs de weg. Veel zijn er bezet door vrouwen, ze bakken brood en bieden dat te koop aan. Als we overal een brood hadden gekocht, hadden we ca. 15 broden aan boord gehad.

We komen veel hoog bepakte auto’s tegen, die helemaal doorbuigen onder het gewicht van mensen en producten. We eindigen in Setti Fatma, waar we morgen de vallei erachter in willen fietsen. In Setti Fatma zijn we twee keer eerder geweest, toen zijn we naar de waterval gewandeld en keken we uit in die vallei. Het zag er erg mooi en uitnodigend uit.

Even later staan we op een parking, 1km voor het einde van de weg. Het is inmiddels 10 voor 7, dus de dag is weer rond vol. Het was een leuke dag, met een bezoek aan een drukke markt, en een wandeling in de sneeuw.

Vandaag werd het steeds warmer, het was op een gegeven moment 27º. Toen we omhoog reden naar Oukaimeden daalde de temperatuur en boven was het 19º. Toen we, na ons ‘sneeuwavontuur’ terug kwamen bij de camper wat het 11º. Dat kan hard gaan zo. Bij aankomst in Setti Fatma was het 17º. Morgen zal het een stuk kouder zijn, dat is altijd zo hier. Het is in een kloof, waar de zon laat in komt. Het hoogste punt vandaag was 2636m.

Dinsdag 4 februari 2020: Setti Fatma – Marrakech

Het was vanmorgen 6º en 13º binnen, dat houdt niet over. De zon komt pas laat in het dal, dus gaan we pas om 10.15uur fietsen. Ik zag in de verte de zon in het dal waar we naar toe willen gaan. Maar als we ter plekke komen is het alleen het topje van de berg die we voor ons zien.

We hebben drie lagen aan, t-shirt, truitje, dik vest. Verder handschoenen en een muts, het is dik nodig. Tot we gaan klimmen. Het klimmetje komt heel onverwachts, om de bocht, dus zitten we in een te zware versnelling. Ondanks standje 2, later 3, in de ondersteuning moeten we op de pedalen staan om het 1e stuk te slechten. Het is bijzonder steil.

Daarna is het zo’n 3km alleen maar stijgen, maar niet zo steil als in het begin, het is met extra ondersteuning goed te doen. Het is vanaf het eerste punt van stijging onverhard, en af en toe behoorlijk ruig met stenen. Het is goed uitkijken voor puntige stenen. 

Als we op vlakker terrein komen, we zijn dan op 1800m hoogte, gaat er een laagje uit, en de handschoenen en muts gaan in de tas. Hier boven schijnt het zonnetje al lekker op de bol.

We komen op een punt waar we de weg redelijk steil naar beneden zien gaan en verderop een dal in. Daar is nog geen zon. We rijden een stukje van het steile deel, het is ruig, dus voorzichtig aan. 

Als we een bocht omkomen besluiten we om terug te gaan, het zonnetje is te lekker en we moeten straks dan toch weer alles omhoog fietsen.

We waren net bovenlangs een dorpje gereden waar wat vrouwen beneden ons naar ons stonden te kijken en te zwaaien. We hoorden kinderstemmetjes de tafel van 6 opzeggen (grapje).

Als we terug komen bij het dorpje zijn de kindsstemmetjes stil, nu horen we mannenstemmen bidden. Het komt allemaal uit een betonnen gebouwtje beneden ons. Het is nieuw en multifunctioneel, blijk uit het verschillende gebruik ervan. De kindertjes spelen ondertussen buiten.

We worden door een mevrouw, die hoog boven ons staat, uitgenodigd om te komen eten. Maar we kunnen daar niet komen met onze fietsen. Sjoekran, een andere keer graag.

Ietsje verderop staat beneden ons een meisje, ze vraagt of we thee willen. Daar kunnen we ook niet met de fietsen komen maar nu parkeren we ze langs de weg en lopen naar haar toe. Het is Ghadiza.

Boven ons langs klinken lachende vrouwenstemmen. Er lopen drie vrouwen met takken en snoeisel op hun rug. Het is een mooi gezicht, zo tegen de strak blauwe lucht. 

Een van de vrouwen komt naar het huis toe waar we voor staan, het is de buurvrouw van Ghadiza. Die heeft ondertussen twee krukjes naar een ruimte op het dak gebracht. Wij zetten ze buiten, want het zonnetje is veel te lekker om binnen te gaan zitten.

Even later is er een tafeltje waar thee, omelet en brood op wordt gezet. Mama is er ook bij komen zitten, maar wel in de schaduw. Of we bij haar komen zitten, maar we wijzen op de koperen bol in de lucht en zeggen dat we de zon wel lekker vinden. Bismillah, proost. Ghadiza is één van 10 kinderen, ze heeft er nog 3 onder zich.

Ik geef Ghadiza een mooi Tafraoute kettinkje als bedankje voor haar uitnodiging, ze is er zichtbaar blij mee. Vanaf het dak hebben we een mooi uitzicht het dal in waar we net niet naar toe wilden rijden. Nu schijnt het zonnetje daar ook. In de voorgrond, de school annex moskee, met nog een provisorische brug er naar toe.

We gaan terug naar Setti Fatma. Je ziet langs de steile bergwand beneden ons groene akkertjes. Ze benutten hier elk plekje wat bebouwd kan worden. Via een klein, smal pad kunnen ze er naar toe.

Onderweg maken we een paar filmpjes van het fietsen. En ik maak twee keer een serie van 3 foto’s in verschillende standen: groothoek, normaal en 2x ingezoomd. Het is een behoorlijk verschil wat je in beeld ziet.

Dan krijgen we, in de verte, zicht op Setti Fatma, het is een mooi gezicht in de stralende zon. Dan volgt het steile stuk naar beneden, de remmen worden goed gebruikt.

We rijden langs de restaurantjes langs de rivier, waar de gekleurde stoeltjes in de rivier staan, en gekleurde bankstellen op de kant. Het is rustig, de grote drukte zal wel in de weekenden en in de zomer zijn.

Bij de camper staan we tussen de auto’s in, vooral taxi’s, we kunnen nu geen kant op als we zouden willen. We zetten de fietsen in de camper, ruimen alles op en dan is er op eens ruimte om eruit te rijden. Dat doen we dan meteen maar. Er zijn diverse mannetjes die voor ons het verkeer regelen en aangeven of het allemaal kan. Ik ben zelf ook maar even uitgestapt, wij kijken toch anders aan tegen of iets wel of niet kan. Het gaat goed. Vlak voordat we wegreden stond Co met een stelletje te praten. Ze hadden de wandeling naar de waterval gemaakt met een gids. Ze hadden 200DH betaald. Co zegt, dat is veel te veel, ze verdienen in Marokko gemiddeld zo’n 1000DH per maand. Maar ze hadden het wel leuk gehad, nou dat is het belangrijkste.

Langs de route naar Ourika zijn heel veel verkooppunten van allerlei producten, vooral aardewerk en enorm grote vazen. Er zijn veel kinderen onderweg naar en van school. Een boer heeft een grote boom gekocht en vervoerd die met zijn tractor en aanhanger. Straks komt-ie thuis en zegt ie: schat ik heb een plantje gekocht, heb je even een pot ervoor?

We komen bij Marrakech en verbazen ons over de dieselprijzen, 9,48DH is het laagste wat we zien. Zo dicht bij de ‘grote stad’ en dan zulke lage prijzen. Wat een hectiek weer in zo’n stad, wat een verschil met waar we vanmorgen fietsten. Het is weer drie rijen dik op een twee baans deel. En stoplichten die amper te zien zijn als je vooraan staat. Dan wachten we maar op de toetertjes achter ons. We zien een heuse trolleybus, een man met ezeltjestassen achterop zijn brommer, en een aparte zonwering bij een taxi.

Hoe druk het kan zijn met auto’s, daar tussendoor zie je paard en wagens rijden. En een paar vrachtwagens vol met uien.

We zien een enorme zwerm ooievaars in de lucht. Als ik ’s avonds de foto aan Co laat zien, zegt hij: ik zit net de krant te lezen en daar staat een overlijdens advertentie van iemand die Ooievaar heet, hoe toevallig.

In Marrakech gaan we naar Marjane Menara, om te kijken of ze ‘onze’ yoghurt hebben. Niet dus, we kopen maar weer kleine yoghurts. Kennelijk hebben ze deze yoghurt naturel zonder suiker niet meer. Wel andere van het merk Fromital, maar dat is met suiker en smaakjes. We gaan dus maar niet naar de andere Marjane. 

We komen langs een Carrefour, daar willen we nog wel even proberen. En ja hoor, hier hebben ze ze wel, pffff. We nemen er een aantal mee, kunnen we weer eventjes vooruit.

Dan gaan we door naar, voor ons, een nieuwe camping, Ferdaous. Het is vorig jaar overgegaan in andere handen en opgeknapt. Er is een nieuw sanitair gebouw. Maar als Co onder de douche wil wordt het water niet warm, dan maar in de camper douchen. We brengen een mand met was naar de receptie, het is morgen als 3e aan de beurt.

Dan zitten we lekker nog even buiten, in de schaduw, want het is 29º. Morgen ga ik brood bakken, een wasje ophangen en drogen. En misschien tussendoor nog wel eventjes fietsen door de omgeving.

Tijdens het fietsen was het laagste punt 1390m, het hoogste punt 1880m. We hebben 21,4km gefietst met een gemiddelde snelheid van 9,9km/u. We hebben 590m hoogtemeters gefietst. Die 590m zijn alle meters bij elkaar opgeteld die je omhoog en omlaag fietst. Want het ging evengoed nog wel op en neer, toen we op hoogte fietsten.

Woensdag 5 februari 2020: Marrakech 

Vandaag blijven we hier. De was wordt gedaan en vanmiddag ga ik brood bakken. Onze oven gebruikt 1800watt, dus daar hebben we walstroom voor nodig.

Gisteren heb ik de was afgegeven, die is vandaag om 13uur gereed. Om 11uur stappen we op de fiets, voor een rondje noordelijk van de camping. Ik heb in Komoot een route uitgezet, geen idee wat we allemaal tegenkomen.

We gaan zuidelijk en gaan linksaf de RP2118 op. In het begin zien we een groep olifanten staan, met kleintjes erbij. Een leeuw en een krokodil volmaken de entourage van een groot hotel.

De weg is slecht, smal en rafelig. Als er een achter- of tegenligger komt gaan we de weg af. De auto blijft dan op de weg, want als die eraf gaat voor ons rijden we meters lang in een stofwolk. Alleen is dat randje naast de weg vrij grof van structuur. Ik zeg tegen Co, het is hier nog gevaarlijker als een afdaling in de bergen.

Na 8,5km gaan we linksaf een onverharde weg in, weg van de ‘snelweg’, weg van de drukte en het stof. We rijden door een kale omgeving, dor en stenig met in de verte wat kleine bergen. Is weer eens iets anders als groene akkertjes en bewoning. Huizen zijn er op het eerste stuk niet te zien, dus ook geen mensen. Af en toe een verdwaalde herder met zijn kudde. Alhoewel, hij zal de weg wel weten.

Om 13uur stoppen we bij een waterput om onze yoghurt op te eten. De put ziet er redelijk nieuw uit. Opeens vliegen er twee duiven uit de put vandaan, die hebben waarschijnlijk onderin water gedronken. De put is onwijs diep. Als ik er een steentje in gooi, duurt het heel lang voor ik een zachte plons hoor. Er is ook een klein vogeltje dat in de put verdwijnt, we horen hem steeds zachter piepen, die gaat ook even drinken. Even later is-ie terug en zingt-ie het hoogste lied voor ons, gezellig hoor. Bij de put is ook een wasplaats, of die nog gebruikt wordt?….

Tijdens de lunch zagen we in de verte een groepje lemen huizen staan. Als we er naartoe fietsen zijn we al gesignaleerd. Twee meisjes staan heel verlegen naar ons te kijken en als Co iets zegt, duiken ze bijna weg. Verderop staat een vrouw met kind in de deuropening, zij is niet verlegen en groet vriendelijk. Het meisje staat met een fiets in haar hand, ze staat klaar om naar school te gaan. Die staat ergens verderop in het landschap.

Het meisje leert ook Frans op school, ik zing Alouette, gentil Alouette. Ze lacht, het klinkt herkenbaar. Ik laat het filmpje zien dat we van de week in het oude dorpje Tanaghmelt hebben gemaakt, van de zingende kindertjes in het klasje. Ze vinden het leuk, zelfs de twee verlegen meisjes komen dichterbij, en nog twee vrouwen. Het wordt nog gezellig zo.

We gaan verder over het hobbelige, stenige pad. Verderop zien we een grote vrachtwagen staan. Op het naast gelegen terrein zitten drie mannen, ze drinken thee. We worden uitgenodigd voor een glas thee.

Het is een bedrijfje dat houtskool maakt, het ziet er zwart van. Als we rond de theepot staan horen we opeens nog iemand groeten. Een man zit onder een overkappinkje, achter een deken. Een andere man legt uit dat hij kif aan het versnijden is. Zelf steekt hij net een kifpijpje aan. Het valt ons op dat de mannen slecht gebitten hebben, het ziet helemaal bruin.

Het wordt wat groener in het landschap, er zijn akkertjes. Soms is het niet heel dik gezaaid. En we vragen ons af waar het water vandaan komt voor de groei. Maar dan zien we af en toe een waterput staan.

Een paar kilometer voor de camping nemen we nog een pauze om thee te drinken. Anders slepen we dat helemaal voor niets mee. ;-0 We zien bij een huis een paar stoepranden liggen, dat is een mooie zitplaats voor ons, op zijn Marokkaans.

Al rapido komt er een jongen aanlopen uit het huis vandaan. Hij spreekt redelijk goed Frans, dat is wel leuk, voor een praatje. Ik zie dat er af en toe een hoedje om de hoek van de poort verschijnt. Elke keer als ik die kant op kijk, schiet het hoedje weg. Ik loop er naar toe, het is een zus van de jongen. We schudden handjes, ze is verlegen.

De jongen vind het vreemd dat we op de stoepranden zitten, en dan bovendien ook nog in de zon. Hij haalt uit het huis twee plastic stoelen en zet ze onder de boom neer. Nee joh, we willen wel in de zon zitten hoor. We keuvelen wat, er komen twee jongere kinderen thuis op de fiets, uit school vandaan. Ook deze jongen heeft nog 5 broers en 4 zussen, wederom een groot gezin.

We nemen afscheid en rijden naar de camping. Het was een warme dag met 28,5º, eigenlijk te warm voor de tijd van het jaar. Bij de camper nemen we onze rust in de schaduw.

De was is gereed, alleen nog niet helemaal droog. Ze hadden het over de lijn heen gehangen i.p.v. met knijpers. Co spant een lijntje en een uurtje later ligt alles schoon in de kast.

’s Avonds zijn de broodjes gereed, het was een leuke en productieve dag zo. We hebben 31.9km gefietst, met een gemiddelde snelheid van 17.3km/u. Het laagste punt was 410m, het hoogste punt 490m. We hebben 130 hoogtemeters gefietst. Redelijk easy dus.


ga terug naar periode 04
Terug naar ‘overzicht
Naar ‘coordinaten
Naar ‘reisroute

ga verder naar periode 06